Jan Ligthartstraat 4
1817 MR Alkmaar
Telefoon 072 - 88 80 000
Fax 072 - 88 80 100
info@bergen-nh.nl
Klik hier om deze pagina uit te printen.

Faq AED

Veel gestelde vragen AED

Op deze pagina beantwoorden wij diverse vragen over de "Automatische Externe Defibrillator". Klik op de titel van een vraag om het bijbehorende antwoord te lezen. U kunt de "Veel Gestelde Vragen" over dit onderwerp ook doorzoeken op trefwoorden, met de daarvoor bestemde zoekbox (rechtsboven).

Wat is een AED ?

Een Automatische Externe Defibrillator, een AED, is een apparaat dat via twee plakelektroden op de ontblote borstkas, de hartactie van een slachtoffer met een hartstilstand registreert. De AED is een apparaat dat leekhulpverleners kunnen inzetten bij een reanimatie. Aan de hand van computergestuurde protocollen, geeft de AED gesproken opdrachten aan de leekhulpverlener(s). Uitsluitend bij een te defibrilleren hartritmestoornis wordt een schokopdracht gegeven. De AED is een belangrijk apparaat, maar vervangt niet de basale reanimatie. Directe basale reanimatie is altijd nodig om de hersenfunctie veilig te stellen, de tijd te overbruggen tot de AED er is en het hart zelf voor te bereiden op een of meer stroomstoten van de AED. De AED is veilig en betrouwbaar. Een AED zal alleen een schok toedienen, als de analyse van het hartritme uitwijst dat dit noodzakelijk is. Een schok toedienen aan iemand die geen hartstilstand heeft, is dan ook niet mogelijk. • Het bedienen van een AED is relatief eenvoudig te leren. Iemand die al kan reanimeren, kan binnen een paar uur leren omgaan met een AED. Zodra de leekhulpverlener de AED aanzet neemt de AED de regie over. • Een AED kan als ‘apparaat’ nooit levens redden. Het is de omstander, degene die reanimeert, die binnen de overlevingsketen iemand een kans op overleving geeft.

Wat is het doel van de 6-minutencampagne ?

Elke week worden 300 Nederlanders buiten het ziekenhuis getroffen door een hartstilstand. Dit zijn 15.000 à 16.000 slachtoffers per jaar. Op dit moment overleeft maar 5 tot 10% van hen. Met de 6 minuten campagne wil de Hartstichting de bevolking informeren over haar belangrijke rol als omstander bij een hartstilstand. De campagne creëert bewustwording over dit grote probleem en wil duidelijk maken dat de eerste zes minuten bij een hartstilstand cruciaal zijn. Belangrijk is dat omstanders weten wat ze moeten doen bij een hartstilstand: direct 112 bellen om een ambulance op te roepen, direct starten met reanimatie (hartmassage en beademing) en binnen zes minuten met een AED (Automatische Externe Defibrillator) het hart een of meerdere krachtige stroomstoten toedienen om het normale hartritme terug te brengen, zodat het hart zelf weer pompt. Onderzoek laat zien dat de overlevingskans onder deze omstandigheden 50 – 70% kan zijn. Snel en doeltreffend handelen kán voor veel meer mensen een overlevingskans betekenen.

Wat is het 6-minuten-concept ?

Nederlanders zijn in staat een hartstilstand te herkennen en weten er naar te handelen. Een omstander belt direct 1-1-2, geeft basale reanimatie en gebruikt binnen zes minuten de AED. Reanimatie en defibrillatie binnen de eerste 6 minuten bij een hartstilstand, geeft een overlevingskans van 50 à 70%. De Hartstichting is de eigenaar van het 6-minuten-concept. In het logo van de campagne zijn deze drie stappen weergegeven: bel 112, reanimeer en defibrilleer. Dit zijn de eerste drie stappen in de keten van overleving.

Wat is een AED-zone ? Wat is een 6 minuten zone ?

Een 6 minuten zone is een gebied dat zodanig is ingericht dat de vrijwilliger die zich heeft aangemeld op het burgeraed systeem die in de buurt van het slachtoffer is op het moment van de 112 melding binnen 6 minuten kan defibrilleren middels de AED. De vrijwillige burger kan van de meldkamer twee soorten sms-berichten krijgen op de mobiele telefoon. 1. Sms-bericht met adres van hulpvrager met de instructies om gelijk te starten met reanimeren. 2. een sms bericht van de plaats van AED en adres van hulpvrager. Het is de bedoeling dat de vrijwilliger zich dan eerst naar het adres van de AED begeeft om deze op te halen en daarna gelijk naar het adres van de hulpvrager om de AED in te zetten. Ook omstanders die een hartstilstand kunnen herkennen en weten wat ze moeten doen moeten gelijk gaan handelen. De omstander moet direct 112 bellen en direct beginnen met reanimatie, terwijl de AED erbij wordt gehaald.

Hoe herkent u een hartstilstand ?

Een slachtoffer van een hartstilstand is bewusteloos. Hij of zij reageert niet wanneer je hem/haar aanspreekt of voorzichtig de schouders schudt. Ook ademt het slachtoffer niet of niet normaal. De ademhaling is te controleren door het hoofd van het slachtoffer naar achteren te bewegen en een kinlift uit te voeren: voel met je wang of het slachtoffer ademt, luister en kijk 10 seconden of er ademhaling is.

Wat is het verschil stussen een hartstilstand, een hartinfact en een hartaanval ?

Een hartinfarct is een ander woord voor een hartaanval. Het woord hartaanval zegt iets over het moment dat de pijn gesignaleerd wordt: je wordt ‘aangevallen’. Een hartaanval kan leiden tot een hartstilstand, maar dit hoeft niet. Niet alle hartstilstanden zijn het gevolg van een hartaanval: het hart kan ook tot stilstand komen door ademhalingsproblemen, bijvoorbeeld bij verdrinking, een ontsteking (myocarditis), een zieke hartspier (cardiomyopathie), hartfalen of een elektriciteitsongeval.

Wat is er aan de hand bij een plotselinge hartstilstand ?

Bij een plotselinge hart- of circulatiestilstand stopt het hart met pompen en staat de bloedsomloop in het lichaam stil. Er bestaat acuut levensgevaar omdat de bloedtoevoer in het lichaam stopt en daarmee ook het zuurstoftransport. Het gevolg is dat iemand binnen enige seconden bewusteloos raakt. De ademhaling is uitgevallen en de normale huidskleur is verdwenen. Na ongeveer vier tot zes minuten raken hersencellen onherstelbaar beschadigd. Daarna lopen ook andere organen schade op.

Wat moet u doen bij een hartstilstand ?

Om een slachtoffer een overlevingskans te bieden, is het belangrijk dat je direct 112 belt, begint met reanimeren en binnen 6 minuten de AED toepast. Reanimatie is onderdeel van de keten van overleving. Deze bestaat uit vier stappen: Stap 1. Alarmeer direct door 112 te bellen om een ambulance op te roepen Stap 2. Start direct met reanimeren. De basale reanimatie bestaat uit hartmassage in combinatie met mond-op-mondbeademing. Dit zorgt ervoor dat de bloedsomloop en de zuurstofvoorziening kunstmatig op gang worden gehouden. Hiermee overbrug je tijd. Stap 3. Daarna volgt zo vroeg mogelijk defibrillatie. Dit is het toedienen van een elektrische stroomstoot met een defibrillator, een AED, om het ventrikelfibrilleren te beëindigen. Defibrilleren zorgt ervoor dat het hart weer een normaal ritme kan krijgen. Bij ongeveer 50% van de slachtoffers van een hartstilstand buiten het ziekenhuis is sprake van ventrikelfibrillatie. Voor deze groep patiënten is de enige effectieve behandeling defibrillatie. Stap 4. Ambulancezorgverleners zetten de reanimatie voort met de specialistische reanimatie. De specialistische reanimatie door zorgprofessionals bestaat onder meer uit het toedienen van medicijnen, defibrilleren, intubatie (het inbrengen van een beademingsbuis in de luchtpijp) en koeltechnieken.

Wat is reanimatie ?

Bij 150 tot 200 slachtoffers per week wordt vóór de komst van de ambulance een reanimatie gestart. In 64% van de gevallen wordt deze reanimatie gestart door omstanders. Reanimatie door omstanders overbrugt de tijd tot de volgende schakel in de keten van overleving en verdubbelt de overlevingskans ten opzichte van de slachtoffers bij wie dit niet gebeurt. Uit diverse TNS NIPO onderzoeken weten we dat 35% van de Nederlandse bevolking van 18 jaar en ouder een reanimatiecursus volgde. Dit zijn ruim 4 miljoen mensen. Er is een onderscheid tussen ‘basale reanimatie’ en ‘specialistische reanimatie’.

Waarom binnen 6 minuten reanimeren ?

Indien binnen 6 minuten wordt gereanimeerd en gedefibrilleerd is de kans zeer groot dat iemand de hartstilstand overleeft zonder beschadigingen. Bijna 90% van de slachtoffers (om precies te zijn 89%) die overleven, heeft geen of nauwelijks een beschadiging wanneer binnen 6 minuten is gereanimeerd. 10% van de slachtoffers heeft dusdanige schade dat verpleeghuisopname noodzakelijk is.

Wat zijn de ethische aspecten van reanimatie ?

Er kunnen goede redenen zijn om een reanimatie te starten, niet te starten en te stoppen. In principe is voor elke medische verrichting - waartoe reanimatie behoort - toestemming van de patiënt nodig. Dit zelfbeschikkingsrecht kan betekenen dat iemand niet gereanimeerd wil worden en daarvoor een rechtsgeldige niet-reanimerenwens tekent en bij zich draagt. Bij een ziekenhuisopname wordt een dergelijke wens van de patiënt schriftelijk in het medische dossier vastgelegd. Bij een plotselinge hartstilstand buiten het ziekenhuis kan aan de wens om niet gereanimeerd te worden, niet altijd gevolg worden gegeven. Burgerhulpverleners leren om niet op zoek te gaan naar een wilsverklaring, om te voorkomen dat een reanimatie wordt uitgesteld en de kwaliteit van de reanimatie ongunstig wordt beïnvloed. Als vóór aanvang van de reanimatie een geldige niet-reanimerenwens van het slachtoffer zichtbaar is of wordt getoond door bijvoorbeeld een begeleider, adviseert de Nederlandse Reanimatie Raad (NRR) de burgerhulpverlener niet te starten met reanimeren. Als het slachtoffer en de burgerhulpverlener elkaar kennen (familielid, huisgenoot, huisarts) zijn ze vaak op de hoogte van de niet-reanimerenwens. De burgerhulpverlener zal de niet-reanimerenwens van de betrokkene respecteren en geen hulp verlenen. Dit betekent ook dat de ambulance niet moet worden opgeroepen. Op de website van de NRR is de reanimatierichtlijn te vinden voor het starten, niet starten en stoppen van een reanimatie.

Wat zijn de juridische aspecten rond reanimatie ?

Niemand is verplicht te reanimeren. Je zou wel kunnen spreken van een indirecte verplichting vanwege een artikel in het Wetboek van Strafrecht. In artikel 450 staat: “hij die, getuige van het ogenblikkelijk levensgevaar waarin een ander verkeert, nalaat deze die hulp te verlenen of te verschaffen die hij hem, zonder gevaar voor zichzelf of anderen redelijkerwijs te kunnen duchten, verlenen of verschaffen kan, wordt, indien de dood van de hulpbehoevende volgt, gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie”. Dit artikel kan dus een aansporing zijn om de handen uit de mouwen te steken. Op de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst, de WGBO, wordt in bovengenoemd standpunt en richtlijn van de NRR ingegaan. Omdat deze wet van toepassing is voor zorgprofessionals wordt op deze plaats hierop niet nader ingegaan.

Hoe is de kwaliteit van leven na een reanimatie ?

Er is wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de kwaliteit van leven na een reanimatie. Uit dit onderzoek blijkt dat 89% van de overlevenden goed neurologisch en psychologisch functioneert of hooguit een geringe stoornis heeft.

Heeft een reanimatie ook nadelige gevolgen voor een slachtoffer dat overleeft ?

Uit onderzoek blijkt dat 89% van de overlevenden goed neurologisch en psychologisch functioneert of hooguit een geringe stoornis heeft. Bij de techniek van reanimatie bestaat de kans op het breken van een of meer ribben. Ook het borstbeen kan breken. Bij volwassenen leidt dit zelden tot ernstige beschadiging van de onderliggende organen als longen, maag en lever. Er kan wel letsel ontstaan, maar invloed op de sterfte van de gereanimeerden is niet waarschijnlijk. Botbreuken genezen meestal. Door onvoldoende zuurstof in de hersenen kan de persoonlijkheidsstructuur van overlevenden in negatieve zin veranderen. Ook kunnen overlevenden korte of langere periode voortleven in een coma of vegetatieve status.

Waarom is er het AED project van gemeente Bergen ?

Elke week worden driehonderd Nederlanders buiten het ziekenhuis getroffen door een hartstilstand. Het zijn niet alleen oudere mensen, ook jonge mensen kan het overkomen. De meeste hartstilstanden vinden plaats in en rond het huis. Ongeveer 5 tot 10 procent van de slachtoffers overleeft het. Snelle en adequate hulp is van levensbelang. Dus bel 112, reanimeer en defibrilleer. Met het instellen van AED-zones in Bergen, door onder meer het plaatsen van AED’s en het opleiden van vrijwilligers, wil de gemeente Bergen realiseren dat de overlevingskans na een hartstilstand toeneemt door het toepassen van reanimatie en defibrillatie.

Wie werken er samen aan het AED project en waarom ?

Gemeente Bergen voert het project ROS/AED uit samen met de EHBO Egmond. De gemeente heeft een coördinerende rol binnen dit samenwerkingsverband. Via bestaande netwerken en faciliteiten moeten de partners zorgen voor voldoende bereikbare (24 uur per dag en 7 dagen per week) AED apparaten en beschikbare getrainde vrijwilligers. De aanpak van de werkgroep moet ook zorgen voor continuïteit van het project in de toekomst. Omdat de samenwerking met lokale partners van groot belang is wordt het samenwerkingsverband in de toekomst misschien nog uitgebreid. Het college van gemeente Bergen heeft op 31 maart 2009 besloten deel te nemen aan het project Reanimatie Oproep Systeem/Automatische Externe Defibrillator, genoemd ROS/AED. Het project is door de Veiligheidsregio Noord-Holland Noord (VR NHN) gestart. Het doel van het project is om te komen tot een invoering van een wijdverspreid netwerk van burgervrijwilligers voor adequate reanimatie in Noord-Holland Noord op het niveau van buurten in gemeenten. De alarmering vindt plaats vanuit de gemeenschappelijke meldkamer. De uiteindelijke doelstelling van de VR NHN is dat er 20 gemeenten meedoen, dat er 3.000 vrijwilligers zijn opgeleid en dat in alle gemeenten AED apparaten beschikbaar zijn.

De meldkamer alarmeert via SMS-bericht de leekhulpverlener. Hoe werkt dat ?

Een alarmeringssysteem wordt bediend vanuit de Meldkamer Ambulancezorg. Als er bij de meldkamer een telefonische melding van een hartstilstand via 112 binnen komt, stuurt de meldkamer eerst een ambulance richting het slachtoffer. Daarna worden via het alarmeringssysteem vanuit een database leekhulpverleners via een SMS-bericht opgeroepen. Deze database is samengesteld met opgeleide vrijwilligers en beschikbare AED’s. De vrijwilliger die in de buurt is van het slachtoffer krijgt op dat moment een SMS- bericht op de mobiele telefoon met de instructies, plaats van AED en adres van hulpvrager. Het is de bedoeling dat de vrijwilliger zich dan zo snel mogelijk naar dat adres begeeft om te reanimeren en/of de AED in te zetten. 15 van de 25 meldkamers in Nederland hebben of zijn van plan om binnenkort een alarmeringssysteem aan te schaffen zodat burgerhulpverleners kunnen worden gewaarschuwd.

Wat is een leekhulpverlener of en burgerhulpverlener ?

Een leekhulpverlener of een burgerhulpverlener is een omstander die het slachtoffer aantreft. Hij kan het slachtoffer helpen door een ambulance op te roepen via de alarmcentrale 1-1-2, direct reanimatie te starten, en/of de AED te gebruiken. De leekhulpverlener kan ook helpen door het slachtoffer te ‘bewaken’ als de reanimatie en defibrillatie succesvol zijn verlopen. De leekhulpverlener gaat door met hulpverlenen tot de ambulancezorgverleners het overnemen.

Hoe kunt u als vrijwilliger bijdragen ?

Door een reanimatie en AED training te volgen en je aan te melden via aed@bergen-nh.nl Als u al gecertificeerd bent kunt u zich evengoed aanmelden.

Hoe kunt u AED-vrijwilliger worden ?

U kunt zich via aed@bergen-nh.nl aanmelden als vrijwilliger. U kunt zich opgeven door de cursus reanimatie en aed-bediening. Zonder het volgen van deze cursus kunt u zich niet aanmelden als vrijwilliger. De volgende gegevens dient u in uw e-mail op te nemen wanneer u zich aanmeldt als vrijwilliger: - naam, adres, geboortedatum, mobielnummer, e-mailadres, 2 data waarop u deze cursus zou kunnen volgen. Reanimeren en een AED gebruiken, leer je in een paar uur. Je leert de technieken op een reanimatiepop onder begeleiding van een gecertificeerd instructeur. Aan het einde van de lessen weet je hoe je een hartstilstand herkent, hoe je het bewustzijn en de ademhaling van een slachtoffer controleert, hoe je hartmassage en mond-op-mondbeademing toepast en hoe je een AED bedient.

Wat kost de opleiding tot AED-vrijwilliger ?

U heeft zelf geen koten. De cursus wordt bekostigd door gemeente Bergen.

Nazorg voor AED-vrijwillgers

Reanimeren en/of defibrilleren van een slachtoffer van een hartstilstand is een zeer indrukwekkende en emotionele ervaring. U kunt het fijn vinden om achteraf uw verhaal te doen of u heeft wellicht behoefte aan psychische hulp. Voor ondersteuning en advies kunt u terecht bij de volgende organisaties: · De Nederlandse Hartstichting: via de informatielijn 0900 – 3000 300 (lokaal tarief), bereikbaar van maandag tot en met vrijdag tussen 09.00 – 13.00 uur. · Sensoor: dag en nacht bereikbaar voor uw verhaal via 0900 – 0767 of via www.sensoor.nl De website wordt in een nieuw venster geopend · Bureau Slachtofferhulp: op werkdagen bereikbaar van 9:00 - 17:00 uur bellen via 0900 - 0101 (lokaal tarief). U wordt dan automatisch doorgeschakeld naar het dichtstbijzijnde regiokantoor. Mocht u buiten kantoortijden bellen dan kunt u een boodschap achterlaten op het antwoordapparaat. U wordt dan de volgende werkdag teruggebeld. · Uw huisarts kan zelf ondersteuning bieden en of u doorverwijzen voor andere hulp. · Stichting Korrelatie: via telefoonnummer 0900 - 1450 (€ 0,30 per minuut), bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 9:00 - 18:00 uur.

Ik heb een AED apparaat en wil die beschikbaar stellen. Wat moet ik doen ?

Een AED apparaat voor een zogenaamde zone moet 24 uur en 7 dagen per week bereikbaar zijn. Dan is een AED bereikbaar. Als u beschikt over een AED apparaat dat u beschikbaar wilt stellen als ‘bereikbaar’ dan kunt u deze aanmelden via www.aed-alert.nl De website wordt in een  nieuw venster geopend. Uitgangspunt van de gemeente is dat de gemeente een eigen verantwoordelijkheid heeft voor de openbare ruimte en gemeentelijke accommodaties. Maar de gemeente is ook verantwoordelijk voor de aanwezigheid van AED’s in de ‘6 minutenzones’ (de dekking). Dat betekent dat de gemeente AED apparaten aanschaft.